Wat is FAI (vrije androgeenindex)?
Testosteron reist in je bloed voor het grootste deel vastgeklonken aan SHBG, een eiwit dat je lever maakt, en voor een kleiner deel losjes aan albumine. Maar een paar procent is echt vrij, en alleen dat vrije deel kan de cellen in en werkt. Hoeveel er vrij is, hangt dus van twee dingen af: hoeveel testosteron er is, en hoeveel SHBG er is om het te binden. Vrij testosteron direct meten is lastig en onbetrouwbaar; de vrije androgeenindex omzeilt dat door het totaal testosteron te delen door het SHBG, allebei in dezelfde eenheid uit hetzelfde buisje, en de uitkomst als percentage te geven. Dat maakt de index gevoelig voor precies wat bij vrouwen vaak speelt. Buikvet en insulineresistentie laten de lever minder SHBG maken, en dan stijgt het vrije deel terwijl het totaal testosteron gelijk blijft. De pil doet het omgekeerde: oestrogeen laat de lever meer SHBG maken, en het vrije deel zakt. Een vrouw met een normaal totaal testosteron en een laag SHBG kan dus klachten van te veel mannelijk hormoon hebben, en de index laat dat zien waar het totaal het mist. De uitkomst staat als percentage. De enige gepubliceerde band loopt voor een man van 20 tot 50 jaar van 24,3 tot 110,2 procent, voor een vrouw van 20 tot en met 46 jaar van 0,65 tot 10,93 procent en voor een vrouw vanaf 47 jaar van 0,23 tot 6,8 procent. Het verschil tussen mannen en vrouwen volgt uit de formule: mannen hebben een veelvoud van het testosteron en minder SHBG.
Waarom is FAI (vrije androgeenindex) relevant?
De index is vooral een vrouwenwaarde. Bij overbeharing op gezicht, borst of buik, acne na de puberteit, haaruitval op de kruin of een cyclus die onregelmatig of weg is, is de vraag of er te veel mannelijk hormoon werkt, en het totaal testosteron alleen beantwoordt die vraag vaak niet: het ligt bij de helft van de vrouwen met PCOS binnen de band. De index pikt op wat het totaal mist, omdat het lage SHBG dat bij PCOS hoort de teller en de noemer tegelijk de verkeerde kant op duwt. Bij mannen is de index minder nuttig, omdat de eigen band van het totaal testosteron en het vrij testosteron daar meestal genoeg zeggen. De tweede reden is dat de index laat zien waar een afwijking vandaan komt. Een hoge index met een normaal testosteron is een laag SHBG, en dat is bijna altijd buikvet en insulineresistentie, of een trage schildklier; een hoge index met een hoog testosteron is de eierstok of de bijnier die te veel maakt. Een lage index met een normaal testosteron is een hoog SHBG, door de pil, een snelle schildklier, weinig eten of ouder worden. Die richting bepaalt wat je eraan doet. De eerlijke beperking is dat de index een schatting is die bij een heel hoog of heel laag SHBG minder klopt, en dat er maar één Nederlandse tabel voor bestaat. Wie de index leest, leest daarom altijd de twee getallen erbij waaruit hij komt.
Normaalwaarden FAI (vrije androgeenindex)
Wat naast het getal meeweegt:
- Het totaal testosteron en het SHBG waaruit de index komt, want de verhouding zegt niet welke van de twee bewoog
- Je geslacht en leeftijd, want de band voor mannen ligt ruim tien keer hoger dan die voor vrouwen en zakt bij vrouwen na de overgang
- Of je de pil gebruikt of zwanger bent, want oestrogeen tilt het SHBG op en drukt de index
- Je buikomvang, en glucose en insuline uit dezelfde prik, want insulineresistentie is de gewoonste reden voor een laag SHBG
- Je schildklier, want een trage schildklier drukt het SHBG en een snelle tilt het op
- Bij een vrouw met klachten: DHEA-S, LH en FSH, en bij een testosteron ver boven de band hoe snel het steeg
Er is geen landelijke referentiewaarde voor de vrije androgeenindex, en er is maar één Nederlandse tabel, zonder mannenband boven de vijftig; rapporteert jouw lab een ander bereik, houd dan dat aan. De index is een rekensom uit totaal testosteron en SHBG, allebei uit hetzelfde buisje, en zonder die twee getallen is hij niet te lezen: de verhouding zegt niet welke van de twee bewoog.
FAI = totaal testosteron / SHBG, uitgedrukt als percentage
Beide invoerwaardes komen uit hetzelfde buisje bloed en staan in nmol/L, dus de deling levert een verhouding op. Clinical Diagnostics rapporteert die verhouding als percentage, en de banden hieronder staan in diezelfde eenheid.
%
÷ × 100 =
Wat Nederlandse labs hanteren
Eén lab publiceert een referentiewaarde voor de vrije androgeenindex: Clinical Diagnostics. Unilabs, Star-shl en Certe voeren de index niet als bepaling met eigen referentiewaarden, dus er valt hier niets te vergelijken. Wat de tabel wel laat zien is het verschil tussen mannen en vrouwen: bij een man van 20 tot 50 jaar loopt de index van 24,3 tot 110,2 procent, bij een vrouw van 20 tot en met 46 jaar van 0,65 tot 10,93 procent, en dat volgt uit de formule, want mannen hebben een veelvoud van het testosteron en minder SHBG.
0,65 – 10,93%
Bij Clinical Diagnostics is dit normaal.
Van 0,65 – 10,93 % noemt elk lab normaal. Daarbuiten noemt elk lab het afwijkend.
Alle leeftijden, per lab
| Laboratorium | Groep | Referentiewaarde |
|---|---|---|
| Clinical Diagnostics2026 | Man 20 tot 50 jaar | 24,3–110,2 % |
| Vrouw 20 tot en met 46 jaar | 0,65–10,93 % | |
| Vrouw vanaf 47 jaar (postmenopauzaal) | 0,23–6,8 % |
Elke band zoals het lab hem zelf publiceert, opgehaald in 2026, tenzij anders vermeld.
FAI (vrije androgeenindex) te hoog of te laag: wat betekent het?
Een lage index betekent dat er weinig testosteron vrij is, uit een laag totaal of uit een hoog SHBG. Een laag totaal testosteron komt bij vrouwen door de leeftijd, de pil of te weinig eten, en bij mannen door leeftijd, buikvet, slaaptekort of teelballen die minder maken. Een hoog SHBG komt door oestrogeen, dus de pil of een zwangerschap, door een snelle schildklier, door weinig eten of een laag gewicht, en door ouder worden. Bij een vrouw is een lage index zelden een probleem; bij een man met klachten van weinig energie, weinig zin en minder spier is het een reden om totaal en vrij testosteron zelf te bekijken. Een hoge index betekent dat er veel testosteron vrij is, uit een hoog totaal of uit een laag SHBG. Bij een vrouw met overbeharing, acne of een onregelmatige cyclus is een hoge index met een normaal of licht verhoogd testosteron meestal PCOS, waarbij buikvet en insulineresistentie het SHBG drukken. Een hoge index met een testosteron ver boven de band, meer dan het dubbele, is zeldzaam en wijst op een eierstok of bijnier die op eigen houtje te veel maakt, en dat wordt uitgezocht; DHEA-S zegt dan of het de bijnier is. Bij een man is een hoge index meestal een laag SHBG door buikvet, of testosteron van buiten. Wat je eraan doet: bij een hoge index door een laag SHBG zijn gewicht, bewegen en een voeding met weinig snelle suikers de knoppen, want minder buikvet en meer insulinegevoeligheid laten de lever weer meer SHBG maken en de index zakken. Bij PCOS behandelen de pil of medicijnen die het hormoon blokkeren de klachten van overbeharing en acne. Bij een lage index door de pil is er niets aan de hand. Bij een lage index bij een man zijn slaap, gewicht en krachttraining de eerste knoppen, en bij een echt laag testosteron met klachten beslist een arts over aanvullen. Zet de index naast het totaal testosteron en het SHBG waaruit hij komt, want de verhouding zegt niet welke van de twee bewoog, en naast vrij testosteron als het lab dat meet. Bij een vrouw met klachten horen DHEA-S, LH en FSH erbij, en bij iedereen glucose en insuline, want insulineresistentie is de gewoonste reden voor een laag SHBG.
Wat de waarde verlaagt
Weinig testosteron vrij, uit een laag totaal of uit een hoog SHBG.
| Oorzaak | Hoe vaak |
|---|---|
| Een laag totaal testosteronBij vrouwen door leeftijd, de pil of te weinig eten; bij mannen door leeftijd, buikvet, slaaptekort of teelballen die minder maken | Vaak |
| Een hoog SHBGOestrogeen uit de pil of een zwangerschap, een snelle schildklier, weinig eten of een laag gewicht, en ouder worden laten de lever meer SHBG maken | Vaak |
Wat de waarde verhoogt
Veel testosteron vrij, uit een hoog totaal of uit een laag SHBG.
| Oorzaak | Hoe vaak |
|---|---|
| Een hoog totaal testosteronBij een vrouw PCOS, of zelden een eierstok of bijnier die op eigen houtje te veel maakt; bij een man testosteron van buiten | Vaak |
| Een laag SHBGBuikvet en insulineresistentie laten de lever minder SHBG maken, net als een trage schildklier; het vrije deel stijgt terwijl het totaal gelijk blijft | Vaak |
Hoe verloopt het bloedonderzoek voor FAI (vrije androgeenindex)?
- Verwijzing
- Niet nodig, en er is geen aparte bepaling: de index is een rekensom uit totaal testosteron en SHBG, die je zelf kunt laten meten en met de calculator op deze pagina maakt.
- Nuchter zijn
- Liever wel, want een maaltijd drukt het testosteron een paar uur, en glucose en insuline uit dezelfde prik hebben nuchter nodig.
- Wanneer
- 's Ochtends tussen 07.00 en 10.00 uur, want testosteron piekt in de ochtend, na een normale nacht en zonder zware training de dag ervoor. Bij een vrouw met een cyclus in de eerste week na de menstruatie.
- De afname
- Eén buisje bloed uit een ader in je arm. Totaal testosteron en SHBG komen uit hetzelfde buisje, en DHEA-S, LH, FSH, glucose en insuline kunnen erbij.
- Herhalen
- Bij een afwijkende index na zes tot twaalf weken onder dezelfde omstandigheden, want testosteron schommelt van dag tot dag. Wie aan gewicht en insulinegevoeligheid werkt, meet na drie tot zes maanden opnieuw.
- Waar prikken
- Prikken kan op 250+ locaties bij jou in de buurt, zonder verwijzing. Bekijk de locaties
Veelgestelde vragen
Wat is de FAI?
De vrije androgeenindex: je totaal testosteron gedeeld door je SHBG, het eiwit dat testosteron bindt, uitgedrukt als percentage. Het meeste testosteron in je bloed zit aan SHBG vast en doet niets; alleen het vrije deel werkt. Omdat vrij testosteron direct meten lastig is, schat de index het uit die twee getallen. Het is een rekensom, geen aparte bepaling.
Wat is een normale FAI-waarde?
Volgens het enige lab dat een band publiceert voor een man van 20 tot 50 jaar 24,3 tot 110,2 procent, voor een vrouw van 20 tot en met 46 jaar 0,65 tot 10,93 procent en voor een vrouw vanaf 47 jaar 0,23 tot 6,8 procent. Het verschil tussen mannen en vrouwen volgt uit de formule. Belangrijker dan de band zijn de twee getallen waaruit de index komt, want die zeggen welke kant hij op getrokken wordt.
Wat betekent een hoge FAI?
Dat er veel testosteron vrij is, uit een hoog totaal of uit een laag SHBG. Bij een vrouw met overbeharing, acne of een onregelmatige cyclus is een hoge index met een normaal of licht verhoogd testosteron meestal PCOS, waarbij buikvet en insulineresistentie het SHBG drukken. Een testosteron ver boven de band, meer dan het dubbele, is zeldzaam en wijst op een eierstok of bijnier die te veel maakt. Bij een man is het meestal een laag SHBG door buikvet, of testosteron van buiten.
Wat betekent een lage FAI?
Dat er weinig testosteron vrij is, uit een laag totaal of uit een hoog SHBG. Een hoog SHBG komt door de pil, een zwangerschap, een snelle schildklier, weinig eten of ouder worden, en een laag totaal bij vrouwen door leeftijd of de pil en bij mannen door leeftijd, buikvet of slaaptekort. Bij een vrouw is een lage index zelden een probleem; bij een man met klachten van weinig energie en minder spier lees je totaal en vrij testosteron zelf.
Waarom verschillen mannen en vrouwen zo sterk?
Omdat allebei de invoerwaardes dezelfde kant op werken. Mannen hebben een veelvoud van het testosteron van vrouwen en tegelijk minder SHBG, dus de teller is groter en de noemer kleiner. Daardoor ligt het plafond bij mannen ruim tien keer zo hoog en de vloer bijna veertig keer. Dat is geen afwijking maar de biologie, en het is de reden dat de index bij een vrouw met een normaal testosteron al iets kan laten zien.
Waarom staat er maar één lab in de tabel?
Omdat maar één lab een referentiewaarde voor de index publiceert; de andere drie voeren de index niet als bepaling met een eigen band, al kun je hem uit hun testosteron en SHBG zelf uitrekenen. Eén tabel is geen consensus, en het lab publiceert geen mannenband boven de vijftig. Rapporteert jouw lab een FAI met een ander bereik, houd dan dat bereik aan.
Wat is het verschil met vrij testosteron?
Vrij testosteron is de waarde die de index probeert te schatten. Direct meten is lastig en bij veel labs onbetrouwbaar, en daarom rekenen ze het uit, met de index of met een formule die ook albumine meeneemt. Als je lab vrij testosteron zelf berekent of meet, zegt dat hetzelfde als de index zonder rekensom. Bij een heel hoog of heel laag SHBG klopt de index minder goed, en dan is de berekening met albumine beter.
Hoe krijg ik een hoge FAI omlaag?
Door het SHBG weer te laten stijgen, en dat doe je met gewicht, bewegen en een voeding met weinig snelle suikers: minder buikvet en meer insulinegevoeligheid laten de lever weer meer SHBG maken, en de index zakt mee. Bij PCOS behandelen de pil of medicijnen die het hormoon blokkeren de klachten van overbeharing en acne. Reken op drie tot zes maanden voordat de index beweegt, en meet dan onder dezelfde omstandigheden opnieuw.
In welke tests zit FAI (vrije androgeenindex)?
FAI (vrije androgeenindex) zit in de Hormonen man-test (€129, ook als add-on voor €109).
Gerelateerde bloedwaarden
Lees verder
Bronnen
- 1.Clinical Diagnostics, Labgids: vrij testosteron (free androgeen index). 2026. clinicaldiagnostics.nl
Alleen educatieve informatie, geen medisch advies. Raadpleeg een zorgprofessional voor klinische beslissingen.
Lees meer over onze wetenschappelijke aanpakDelen