ALAT
Enzym dat vooral in de lever voorkomt. Stijging kan wijzen op leverbelasting.
Albumine
Belangrijk eiwit voor transport van stoffen en vochtbalans in de bloedvaten.
ApoB
Totaal aantal atherogene deeltjes; sterke voorspeller voor hart- en vaatziekten.
ASAT
Enzym in lever en spieren. Wordt vaak samen met ALAT gemeten voor totaalbeeld.
Bloedplaatjes
Cellen cruciaal voor bloedstolling. Afwijkingen kunnen duiden op stollingsproblemen.
Bilirubine
Afbraakproduct van rode bloedcellen. Verhoging kan wijzen op lever- of galwegproblemen.
Calcium
Essentieel voor sterke botten, spiercontractie en zenuwsignalen.
Creatinine
Afvalstof van spieren. Belangrijke graadmeter voor de filterfunctie van de nieren.
CRP
Eiwit dat snel stijgt bij ontstekingen, infecties of weefselschade.
eGFR
Berekende waarde die schat hoeveel bloed de nieren per minuut filteren.
Eosinofielen
Witte bloedcellen actief bij allergieën en parasitaire infecties.
Ferritine
De ijzervoorraad in het lichaam. Laag betekent tekort, hoog kan duiden op ontsteking.
Foliumzuur
Vitamine B11, essentieel voor celdeling en aanmaak van bloedcellen.
Gamma-GT
Gevoelige marker voor galwegen en lever. Reageert snel op alcoholgebruik.
Glucose (nuchter)
Bloedsuiker na vasten. Primaire test voor energiehuishouding en diabetes.
HbA1c
Gemiddelde bloedsuiker van afgelopen maanden. Geeft stabiel beeld van glucose.
HDL Cholesterol
Het 'goede' cholesterol dat vetten afvoert naar de lever.
Hemoglobine
Eiwit in rode bloedcellen dat zuurstof vervoert. Maatstaf voor bloedarmoede.
Kalium
Elektrolyt cruciaal voor zenuwprikkels, spieren en hartfunctie.
LDL Cholesterol
Het 'slechte' cholesterol dat zich kan ophopen in vaatwanden.
Magnesium
Betrokken bij energie, spieren en zenuwen. Tekort kan krampen geven.
Natrium
Belangrijk voor vochtbalans, bloeddruk en prikkelgeleiding.
TSH
Hormoon dat de schildklier aanstuurt. Eerste check voor schildklierfunctie.
Vitamine B12
Essentieel voor zenuwstelsel en bloedaanmaak. Tekort komt voor bij vegetariërs.
Vitamine D
Nodig voor sterke botten en immuunsysteem. Veel mensen hebben een tekort.
Homocysteïne
Aminozuur dat bij hoge waarden schadelijk is. Check voor B-vitamine status.
Lp(a)
Genetisch bepaald vetdeeltje. Onafhankelijke risicofactor voor hartziekten.
ASAT/ALAT Ratio
Verhouding tussen leverenzymen. Geeft indicatie van de oorzaak van leverbelasting.
Totaal Cholesterol
De totale hoeveelheid cholesterol in het bloed.
Triglyceriden
Vetten in het bloed die energie leveren. Verhoogd bij overgewicht of suikerinname.
Non-HDL-cholesterol
Totaal cholesterol min HDL: het cholesterol in alle apoB-dragende deeltjes.
LDL/HDL Ratio
Risico-indicator voor hart- en vaatziekten.
Leukocyten (WBC)
Totaal aantal witte bloedcellen. Algemene maat voor afweer.
Neutrofielen
De 'eerste lijn' defensie, voornamelijk actief tegen bacteriële infecties.
Lymfocyten
Betrokken bij specifieke afweer (antilichamen) en virale infecties.
Monocyten
Ruimen dode cellen op en helpen bij chronische infecties.
Reticulocyten
Jonge rode bloedcellen: hoe hard je beenmerg op dit moment aanmaakt.
NLR (neutrofielen/lymfocyten)
De verhouding tussen twee soorten witte bloedcellen, uit je bloedbeeld.
PLR (bloedplaatjes/lymfocyten)
De verhouding tussen je bloedplaatjes en je lymfocyten.
SII (ontstekingsindex)
Bloedplaatjes maal neutrofielen gedeeld door lymfocyten, uit je bloedbeeld.
Totaal eiwit
Alle eiwitten in je bloed samen, met albumine als grootste groep.
Globuline
Het eiwitdeel dat overblijft als albumine van je totaal eiwit af gaat.
Albumine/globuline-ratio
De verhouding tussen albumine en globuline uit dezelfde bepalingen.
Bilirubine geconjugeerd
Het deel van je bilirubine dat de lever al heeft verwerkt.
Bilirubine ongeconjugeerd
Het nog niet verwerkte deel, uit totaal min geconjugeerd bilirubine.
LDH
Enzym uit veel weefsels dat vrijkomt wanneer cellen beschadigd raken.
FIB-4
Score uit leeftijd, ASAT, ALAT en bloedplaatjes, gericht op leverfibrose.
Ureum
Afvalstof uit je eiwitstofwisseling die je nieren afvoeren.
Cystatine C
Maat voor je nierfiltratie die nauwelijks van spiermassa afhangt.
eGFR op cystatine C
Je geschatte nierfiltratie, gerekend uit cystatine C.
ApoA1
Het dragereiwit op je HDL-deeltjes, de tegenhanger van ApoB.
NT-proBNP
Fragment dat je hartspier afgeeft als de druk op de kamers oploopt.
TC/HDL-ratio
De verhouding tussen totaal cholesterol en HDL.
AIP (atherogene plasma-index)
Index uit triglyceriden en HDL, gericht op deeltjesgrootte.
LDL/ApoB-ratio
Cholesterol per LDL-deeltje: een schatting van hoe groot je deeltjes zijn.
ApoB/ApoA1-ratio
De verhouding tussen de dragereiwitten van je twee soorten deeltjes.
Insuline
Het hormoon waarmee je alvleesklier glucose je cellen in stuurt.
C-peptide
Komt met insuline vrij en laat je eigen aanmaak zien.
TyG-index
Index uit nuchtere glucose en triglyceriden voor insulinegevoeligheid.
eAG (geschat gemiddelde glucose)
Je HbA1c omgerekend naar een gemiddelde glucosewaarde.
Chloride
Elektrolyt dat met natrium meebeweegt en je zuurgraad mee bepaalt.
Bicarbonaat
De buffer die de zuurgraad van je bloed binnen een smalle marge houdt.
Fosfaat
Mineraal dat met calcium je botten bouwt en energie helpt overdragen.
Geïoniseerd calcium
Het vrije, werkzame deel van je calcium, gemeten in plaats van berekend.
PTH (parathormoon)
Hormoon van je bijschildklieren dat calcium en fosfaat bijstuurt.
Vitamine B1
Thiamine: nodig om koolhydraten in energie om te zetten.
Vitamine B6
Betrokken bij je eiwitstofwisseling en je neurotransmitters.
Zink
Spoorelement voor je afweer, je huid en honderden enzymen.
Koper
Spoorelement voor je ijzerstofwisseling en bindweefsel.
Ceruloplasmine
Het eiwit dat koper vervoert, en de context bij je koperwaarde.
Selenium
Spoorelement voor je schildklier en je antioxidantsysteem.
Omega 3-index
Het aandeel omega 3-vetzuren in je rode bloedcellen.
BSE (bezinking)
Hoe snel rode bloedcellen zakken: een trage maat voor ontsteking.
IgG
De grootste groep antistoffen: je afweergeheugen.
IgA
De antistof van je slijmvliezen, in luchtwegen en darm.
IgM
De antistof die je als eerste maakt bij een nieuwe infectie.
ANA (antinucleaire antistoffen)
Antistoffen tegen celkernen: eerste stap bij auto-immuunonderzoek.
Anti-CCP
Antistoffen die bij onderzoek naar reumatoïde artritis horen.
Reumafactor
Antistof die met anti-CCP bij gewrichtsklachten wordt gelezen.
tTG-IgA
De eerste bepaling bij onderzoek naar coeliakie.
Vrij T3
Het actieve schildklierhormoon, het niet-gebonden deel.
TPO-antistoffen
Antistoffen tegen een enzym in je schildklier.
Tg-antistoffen
Antistoffen tegen thyreoglobuline, het eiwit van je schildklier.
Totaal testosteron
Al je testosteron samen: gebonden en vrij bij elkaar.
SHBG
Het eiwit dat geslachtshormonen bindt en hun werkzaamheid bepaalt.
Vrij testosteron
Het werkzame deel, gerekend uit testosteron, SHBG en albumine.
FAI (vrije androgeenindex)
De verhouding tussen totaal testosteron en SHBG.
LH
Hypofysehormoon dat de aanmaak van geslachtshormonen aanstuurt.
FSH
Hypofysehormoon dat eicel- en zaadcelrijping aanstuurt.
Oestradiol
Het belangrijkste oestrogeen, bij vrouwen én mannen aanwezig.
Progesteron
Hormoon van de tweede cyclushelft, op een vast moment geprikt.
Prolactine
Hypofysehormoon dat je cyclus en geslachtshormonen kan beïnvloeden.
Cortisol
Je stresshormoon, dat een vast dagritme volgt.
DHEA-S
Bijnierhormoon dat bouwsteen is voor je geslachtshormonen.
IGF-1
De boodschapper van je groeihormoon, afgegeven door je lever.
Urinezuur
Afbraakproduct van purines dat je nieren uit je bloed filteren.
Basofielen
Betrokken bij allergische reacties en afweer tegen parasieten.
Erytrocyten (RBC)
Totaal aantal rode bloedcellen, verantwoordelijk voor zuurstoftransport.
Hematocriet
Het volumepercentage van het bloed dat uit rode bloedcellen bestaat.
MCV
Gemiddelde grootte van de rode bloedcellen. Belangrijk bij type bloedarmoede.
MCH
Gemiddelde hoeveelheid hemoglobine per rode bloedcel.
MCHC
Gemiddelde concentratie hemoglobine in de rode bloedcellen.
RDW
Variatie in de grootte van rode bloedcellen (distributiebreedte).
Vrij T4
Het actieve schildklierhormoon dat beschikbaar is voor lichaamsweefsels.
ALP
Enzym uit galwegen en botten. Zegt iets over lever- en botstofwisseling.
Gecorrigeerd calcium
Je calcium gecorrigeerd voor albumine, voor een eerlijker beeld van het vrije deel.
MMA
Afbraakstof die oploopt zodra je cellen te weinig vitamine B12 hebben.
PSA
Eiwit dat vrijwel alleen de prostaat maakt; meestal gemeten bij plasklachten.
Serumijzer
Momentopname van het ijzer dat op dat moment in je bloed circuleert.
Transferrine
Transporteiwit dat ijzer door je bloed naar je cellen vervoert.
Transferrine saturatie
Percentage van je transferrine dat met ijzer beladen is.
Triglyceriden/HDL Ratio
Verhouding tussen je triglyceriden en je HDL-cholesterol, berekend uit beide waarden.
ALAT
Enzym dat vooral in de lever voorkomt. Stijging kan wijzen op leverbelasting.
Albumine
Belangrijk eiwit voor transport van stoffen en vochtbalans in de bloedvaten.
ApoB
Totaal aantal atherogene deeltjes; sterke voorspeller voor hart- en vaatziekten.
ASAT
Enzym in lever en spieren. Wordt vaak samen met ALAT gemeten voor totaalbeeld.
Bloedplaatjes
Cellen cruciaal voor bloedstolling. Afwijkingen kunnen duiden op stollingsproblemen.
Bilirubine
Afbraakproduct van rode bloedcellen. Verhoging kan wijzen op lever- of galwegproblemen.
Calcium
Essentieel voor sterke botten, spiercontractie en zenuwsignalen.
Creatinine
Afvalstof van spieren. Belangrijke graadmeter voor de filterfunctie van de nieren.
CRP
Eiwit dat snel stijgt bij ontstekingen, infecties of weefselschade.
eGFR
Berekende waarde die schat hoeveel bloed de nieren per minuut filteren.
Eosinofielen
Witte bloedcellen actief bij allergieën en parasitaire infecties.
Ferritine
De ijzervoorraad in het lichaam. Laag betekent tekort, hoog kan duiden op ontsteking.
Foliumzuur
Vitamine B11, essentieel voor celdeling en aanmaak van bloedcellen.
Gamma-GT
Gevoelige marker voor galwegen en lever. Reageert snel op alcoholgebruik.
Glucose (nuchter)
Bloedsuiker na vasten. Primaire test voor energiehuishouding en diabetes.
HbA1c
Gemiddelde bloedsuiker van afgelopen maanden. Geeft stabiel beeld van glucose.
HDL Cholesterol
Het 'goede' cholesterol dat vetten afvoert naar de lever.
Hemoglobine
Eiwit in rode bloedcellen dat zuurstof vervoert. Maatstaf voor bloedarmoede.
Kalium
Elektrolyt cruciaal voor zenuwprikkels, spieren en hartfunctie.
LDL Cholesterol
Het 'slechte' cholesterol dat zich kan ophopen in vaatwanden.
Magnesium
Betrokken bij energie, spieren en zenuwen. Tekort kan krampen geven.
Natrium
Belangrijk voor vochtbalans, bloeddruk en prikkelgeleiding.
TSH
Hormoon dat de schildklier aanstuurt. Eerste check voor schildklierfunctie.
Vitamine B12
Essentieel voor zenuwstelsel en bloedaanmaak. Tekort komt voor bij vegetariërs.
Vitamine D
Nodig voor sterke botten en immuunsysteem. Veel mensen hebben een tekort.
Homocysteïne
Aminozuur dat bij hoge waarden schadelijk is. Check voor B-vitamine status.
Lp(a)
Genetisch bepaald vetdeeltje. Onafhankelijke risicofactor voor hartziekten.
ASAT/ALAT Ratio
Verhouding tussen leverenzymen. Geeft indicatie van de oorzaak van leverbelasting.
Totaal Cholesterol
De totale hoeveelheid cholesterol in het bloed.
Triglyceriden
Vetten in het bloed die energie leveren. Verhoogd bij overgewicht of suikerinname.
Non-HDL-cholesterol
Totaal cholesterol min HDL: het cholesterol in alle apoB-dragende deeltjes.
LDL/HDL Ratio
Risico-indicator voor hart- en vaatziekten.
Leukocyten (WBC)
Totaal aantal witte bloedcellen. Algemene maat voor afweer.
Neutrofielen
De 'eerste lijn' defensie, voornamelijk actief tegen bacteriële infecties.
Lymfocyten
Betrokken bij specifieke afweer (antilichamen) en virale infecties.
Monocyten
Ruimen dode cellen op en helpen bij chronische infecties.
Reticulocyten
Jonge rode bloedcellen: hoe hard je beenmerg op dit moment aanmaakt.
NLR (neutrofielen/lymfocyten)
De verhouding tussen twee soorten witte bloedcellen, uit je bloedbeeld.
PLR (bloedplaatjes/lymfocyten)
De verhouding tussen je bloedplaatjes en je lymfocyten.
SII (ontstekingsindex)
Bloedplaatjes maal neutrofielen gedeeld door lymfocyten, uit je bloedbeeld.
Totaal eiwit
Alle eiwitten in je bloed samen, met albumine als grootste groep.
Globuline
Het eiwitdeel dat overblijft als albumine van je totaal eiwit af gaat.
Albumine/globuline-ratio
De verhouding tussen albumine en globuline uit dezelfde bepalingen.
Bilirubine geconjugeerd
Het deel van je bilirubine dat de lever al heeft verwerkt.
Bilirubine ongeconjugeerd
Het nog niet verwerkte deel, uit totaal min geconjugeerd bilirubine.
LDH
Enzym uit veel weefsels dat vrijkomt wanneer cellen beschadigd raken.
FIB-4
Score uit leeftijd, ASAT, ALAT en bloedplaatjes, gericht op leverfibrose.
Ureum
Afvalstof uit je eiwitstofwisseling die je nieren afvoeren.
Cystatine C
Maat voor je nierfiltratie die nauwelijks van spiermassa afhangt.
eGFR op cystatine C
Je geschatte nierfiltratie, gerekend uit cystatine C.
ApoA1
Het dragereiwit op je HDL-deeltjes, de tegenhanger van ApoB.
NT-proBNP
Fragment dat je hartspier afgeeft als de druk op de kamers oploopt.
TC/HDL-ratio
De verhouding tussen totaal cholesterol en HDL.
AIP (atherogene plasma-index)
Index uit triglyceriden en HDL, gericht op deeltjesgrootte.
LDL/ApoB-ratio
Cholesterol per LDL-deeltje: een schatting van hoe groot je deeltjes zijn.
ApoB/ApoA1-ratio
De verhouding tussen de dragereiwitten van je twee soorten deeltjes.
Insuline
Het hormoon waarmee je alvleesklier glucose je cellen in stuurt.
C-peptide
Komt met insuline vrij en laat je eigen aanmaak zien.
TyG-index
Index uit nuchtere glucose en triglyceriden voor insulinegevoeligheid.
eAG (geschat gemiddelde glucose)
Je HbA1c omgerekend naar een gemiddelde glucosewaarde.
Chloride
Elektrolyt dat met natrium meebeweegt en je zuurgraad mee bepaalt.
Bicarbonaat
De buffer die de zuurgraad van je bloed binnen een smalle marge houdt.
Fosfaat
Mineraal dat met calcium je botten bouwt en energie helpt overdragen.
Geïoniseerd calcium
Het vrije, werkzame deel van je calcium, gemeten in plaats van berekend.
PTH (parathormoon)
Hormoon van je bijschildklieren dat calcium en fosfaat bijstuurt.
Vitamine B1
Thiamine: nodig om koolhydraten in energie om te zetten.
Vitamine B6
Betrokken bij je eiwitstofwisseling en je neurotransmitters.
Zink
Spoorelement voor je afweer, je huid en honderden enzymen.
Koper
Spoorelement voor je ijzerstofwisseling en bindweefsel.
Ceruloplasmine
Het eiwit dat koper vervoert, en de context bij je koperwaarde.
Selenium
Spoorelement voor je schildklier en je antioxidantsysteem.
Omega 3-index
Het aandeel omega 3-vetzuren in je rode bloedcellen.
BSE (bezinking)
Hoe snel rode bloedcellen zakken: een trage maat voor ontsteking.
IgG
De grootste groep antistoffen: je afweergeheugen.
IgA
De antistof van je slijmvliezen, in luchtwegen en darm.
IgM
De antistof die je als eerste maakt bij een nieuwe infectie.
ANA (antinucleaire antistoffen)
Antistoffen tegen celkernen: eerste stap bij auto-immuunonderzoek.
Anti-CCP
Antistoffen die bij onderzoek naar reumatoïde artritis horen.
Reumafactor
Antistof die met anti-CCP bij gewrichtsklachten wordt gelezen.
tTG-IgA
De eerste bepaling bij onderzoek naar coeliakie.
Vrij T3
Het actieve schildklierhormoon, het niet-gebonden deel.
TPO-antistoffen
Antistoffen tegen een enzym in je schildklier.
Tg-antistoffen
Antistoffen tegen thyreoglobuline, het eiwit van je schildklier.
Totaal testosteron
Al je testosteron samen: gebonden en vrij bij elkaar.
SHBG
Het eiwit dat geslachtshormonen bindt en hun werkzaamheid bepaalt.
Vrij testosteron
Het werkzame deel, gerekend uit testosteron, SHBG en albumine.
FAI (vrije androgeenindex)
De verhouding tussen totaal testosteron en SHBG.
LH
Hypofysehormoon dat de aanmaak van geslachtshormonen aanstuurt.
FSH
Hypofysehormoon dat eicel- en zaadcelrijping aanstuurt.
Oestradiol
Het belangrijkste oestrogeen, bij vrouwen én mannen aanwezig.
Progesteron
Hormoon van de tweede cyclushelft, op een vast moment geprikt.
Prolactine
Hypofysehormoon dat je cyclus en geslachtshormonen kan beïnvloeden.
Cortisol
Je stresshormoon, dat een vast dagritme volgt.
DHEA-S
Bijnierhormoon dat bouwsteen is voor je geslachtshormonen.
IGF-1
De boodschapper van je groeihormoon, afgegeven door je lever.
Urinezuur
Afbraakproduct van purines dat je nieren uit je bloed filteren.
Basofielen
Betrokken bij allergische reacties en afweer tegen parasieten.
Erytrocyten (RBC)
Totaal aantal rode bloedcellen, verantwoordelijk voor zuurstoftransport.
Hematocriet
Het volumepercentage van het bloed dat uit rode bloedcellen bestaat.
MCV
Gemiddelde grootte van de rode bloedcellen. Belangrijk bij type bloedarmoede.
MCH
Gemiddelde hoeveelheid hemoglobine per rode bloedcel.
MCHC
Gemiddelde concentratie hemoglobine in de rode bloedcellen.
RDW
Variatie in de grootte van rode bloedcellen (distributiebreedte).
Vrij T4
Het actieve schildklierhormoon dat beschikbaar is voor lichaamsweefsels.
ALP
Enzym uit galwegen en botten. Zegt iets over lever- en botstofwisseling.
Gecorrigeerd calcium
Je calcium gecorrigeerd voor albumine, voor een eerlijker beeld van het vrije deel.
MMA
Afbraakstof die oploopt zodra je cellen te weinig vitamine B12 hebben.
PSA
Eiwit dat vrijwel alleen de prostaat maakt; meestal gemeten bij plasklachten.
Serumijzer
Momentopname van het ijzer dat op dat moment in je bloed circuleert.
Transferrine
Transporteiwit dat ijzer door je bloed naar je cellen vervoert.
Transferrine saturatie
Percentage van je transferrine dat met ijzer beladen is.
Triglyceriden/HDL Ratio
Verhouding tussen je triglyceriden en je HDL-cholesterol, berekend uit beide waarden.